Grasaren zijn de scherpe zaden van een wilde grassoort die je vindt langs stoep- en wegranden, die ernstige problemen kunnen veroorzaken bij honden. 

Dankzij hun scherpe punt en weerhaakjes dringen ze gemakkelijk de huid, oren, neus of ogen binnen en kunnen ze steeds dieper in het lichaam terechtkomen, zelfs tot in de organen. Daarom is het belangrijk om je hond na elke wandeling goed te controleren, vooral tijdens de zomermaanden.

Hoe merk je grasaren op?

Let op enkele plaatselijke signalen bij je hond:

  • Oren: Heftig kopschudden, krabben aan het oor of de kop scheef houden. Dit kan het trommelvlies beschadigen.
  • Neus: Acuut en hevig niezen, soms komt er bloed uit een neusgat.
  • Ogen: Knijpen met het oog, tranen of een rood, pijnlijk oog (spoedgeval!).
  • Tussen de tenen: Veelvuldig likken/bijten aan de poot, vaak plotseling kreupel of mank lopen door een abces.
  • Huid, oksels of liezen: Plotselinge zwellingen of pijnlijke rode bultjes. 

Zie je een grasaar oppervlakkig in de vacht? Dan kan je die voorzichtig met een pincet proberen te verwijderen. 

Zit de grasaar echter in de huid, neus, oren of ogen? Probeer het dan niet zelf te verwijderen, maar neem zo snel mogelijk contact op met je dierenarts. Een snelle behandeling voorkomt dat de grasaar dieper doordringt en ernstige ontstekingen veroorzaakt.

Heeft je hond deze klachten na een wandeling? Neem zeker contact met ons op.